Vetplanten stekken: zo maak je gratis nieuwe planten
Share
Er is geen plantengroep die zich zo makkelijk laat vermeerderen als vetplanten. Uit één blaadje dat op de grond valt, groeit met wat geduld een volledig nieuwe plant. Wie eenmaal begint, heeft binnen een jaar meer plantjes dan vensterbanken.
Methode 1: bladstek
Werkt uitstekend bij Echeveria, Crassula (jadeplant) en Sedum.
- Draai een gezond blad voorzichtig van de stengel met een lichte zijwaartse beweging. Het blad moet er in zijn geheel afkomen — blijft er een stukje aan de stengel hangen, dan wortelt het niet.
- Laat het blad twee tot vier dagen drogen op een droge plek, tot het wondje dichtgekurkt is. Deze stap overslaan is de meest gemaakte fout: een vers blad in vochtige grond rot gewoon weg.
- Leg het blad op droge cactusgrond, niet erin.
- Vernevel om de paar dagen licht met water.
Na twee tot vier weken zie je roze worteltjes en een klein rozetje verschijnen. Het moederblad verschrompelt langzaam — dat hoort zo, laat het zitten tot het vanzelf loslaat.
Methode 2: kopstek
Voor uitgerekte planten die te lang en slap zijn geworden. Snijd de kop er met een schoon mes af, laat de snee drie tot vijf dagen drogen en zet hem daarna in droge grond. De oude stronk loopt meestal opnieuw uit met meerdere nieuwe koppen — twee planten uit één.
Methode 3: zijscheuten
Veel cactussen, zoals Mammillaria's, vormen kleine scheuten aan de voet. Draai die er voorzichtig af, laat drogen en pot ze apart op. Dit is de snelste methode, want zo'n scheut heeft vaak al wortels.
De belangrijkste regel
Bij alle drie de methodes geldt hetzelfde: laten drogen vóór het planten, en pas water geven als er wortels zijn. Vetplanten stekken faalt bijna nooit door te weinig water, maar bijna altijd door te veel.
Wanneer stek je best?
Lente en zomer geven de hoogste slaagkans, want dan groeit de plant actief. In de winter kan het ook, maar reken op trager wortelen.
Op zoek naar een plant om mee te beginnen? Onze succulenten en vetplanten zijn stuk voor stuk geschikt om van te stekken.