Vetplantjes verzorgen: licht, water en pot in vijf stappen

Vetplantjes staan bekend als makkelijk, maar een paar basisregels maken het verschil tussen een plantje dat een paar weken mooi blijft en eentje dat jaren meegaat.
1. Kies een lichte plek
Vetplanten houden van veel licht. Een vensterbank op het zuiden, oosten of westen is ideaal. Staan ze te donker, dan worden ze lang en bleek.
2. Geef weinig water
Giet pas als de aarde helemaal droog is. In de zomer om de 2 à 3 weken, in de winter hoogstens een keer per maand.
3. Zorg voor goede afwatering
Gebruik een potje met een gaatje of een laagje kiezels onderaan, zodat de wortels niet in water staan. Staat je plantje in een potje zonder gat, geef dan nog voorzichtiger water.
4. Herpot zelden
Kleine plantjes mogen jarenlang in hun potje blijven. Herpot pas als de wortels uit het potje groeien, bij voorkeur in het voorjaar.
5. Let op de seizoenen
In de winter rusten de planten. Zet ze niet boven de verwarming of tegen een ijskoud raam. In het voorjaar kun je weer iets vaker water geven.
Klaar om te beginnen?
Stel in een paar klikken je eigen gepersonaliseerde plantjes samen.
Stel je plantjes samen
